Stro als bouwmateriaal

Stro is een verzamelnaam voor de droge stengels van de gewassen tarwe, rogge, gerst, haver, rijst of vlas. Het is een groeiende grondstof, wat het bij uitstek geschikt maakt voor ecologisch bouwen en gezond wonen. Vanwege het hoge silicaatgehalte verrot stro zeer langzaam. Voor de woningbouw zijn voornamelijk strobalen van tarwe-, spelt- of roggestro geschikt. Deze strosoorten zijn stabieler dan gerst- of haverstro.

In Europa wordt strobouw al honderden jaren toegepast als dakbedekking, hoewel riet vanwege de langere levensduur hiervoor meer geschikt is. Ook als toeslagstof in leembouw dient stro al duizenden jaren als warmte isolator en wapening tegen scheurvorming tijdens het drogingsproces van het leem.

 

Productie van strobalen

De natuurlijke eigenschappen en kwaliteiten van het stro hebben een centrale functie voor de eigenschappen van de strobaal. Voor de productie van strobalen is een zo lang mogelijke, intacte strohalm van positieve invloed op de kwaliteit.

De praktijk leert dat strobalen  gemaakt van stro dat geoogst is middels een schuddermachine beste is, aangezien een onbeschadigde strohalm een positief effect heeft op de stevigheid van de baal en de homogeniteit van de opbouw van de baal. Dit geldt met name als de strobalen worden ingezet voor een dragende constructie. De hiervoor best geëigende machine is de 100 procent schudder.

Kwaliteitsverzekering strobalenbouw

Strobalen voor bouwdoeleinden moeten de volgende eigenschappen hebben:

  • Gebonden door kunststof touw
  • Zo hoekig mogelijk
  • Halmstructuur zoveel mogelijk in takt
  • Goudgele kleur (niet grijs of zwart)
  • Geen modderige geur
  • Stevige structuur; de binding moet onder spanning staan
  • Luchtvochtigheid kleiner dan 75% (dit betekent een massavochtigheid van 15% en droge stof gehalte van minimaal 85 %)
  • Dichtheid minstens 90 kg/m3. Voor een dragende constructie minstens 110kg/m3

 

Het is van belang dat oogst onder goede omstandigheden plaatsvindt, zodat het stro luchtig verspreid in een zo kort mogelijke periode kan nadrogen voordat het in traditionele (kleine) balen wordt geperst zonder dat tussendoor het stro nat regent .De chauffeur dient de balen zorgvuldig te persen, met een pers in goede conditie,  zodat homogene regelmatig gevormde balen ontstaan. De ervaring leert dat een juist geslepen en scherp mes en contra mes/ijzer hierbij essentieel zijn. Tegenwoordig wordt veel stro met zgn. ‘grootpak persen’ of rondebalen persen geperst . Het ‘herpersen’ van stro met een kleinebalenpers vanuit grote of ronde balen raden wij sterk af, omdat de grootpakpersen door hun veel grotere persdichtheid de halmen bijna altijd geplet heeft. Tevens zijn er door de extra verwerking meer snijverliezen en ontstaat er korter stro, wat samen met de extra breuk de stro- en baalkwaliteit sterk doet afnemen.

De traditionele kleine balen persen hebben allemaal een bijna gelijke kanaal afmeting zodat de hoogte en breedte vastliggen en de lengte variabel is. Vrijwel alle machines van de gangbare merken en types ( Welger , New Holland, DeutzFahr etc.) hebben een baalhoogte van 35 tot 38 cm en een breedte van 45 tot 48 cm . De lengte is instelbaar van ongeveer 20 tot 180 cm.

Het werken met strobalen met scherpe hoeken scheelt veel arbeid op de werkplaats, niet alleen voor wat betreft het richten van de balen, maar ook bij het afvullen van de voegnaden.